Fluorescerende tentakels en drakenkaken

Een tosti-ijzer op zijn kant, zo zou ik het vaartuig nog het meest omschrijven. Van buiten dan. Ik ga natuurlijk naar binnen. Het luik wordt dichtgeschroefd. Alle lampjes die branden moeten, branden. Alle meters die meten moeten, meten. One. Zero. Niner. Two. Eight. We volgen het protocol. Een krakende stem van iemand in een andere wereld: Roger that. De kille bevestiging dat ik de bodem heb bereikt. Vermoedelijk juichen ze, slaan ze elkaar op de schouders, high-fiven elkaar. Ik niet, ik ben alleen. Meer alleen dan iemand ooit geweest is. Lees “Fluorescerende tentakels en drakenkaken” verder

Flauw

Wat mij nu zo onmisbaar maakt? Dat is een uitstekende vraag die je daar stelt, een waar ik eens haarfijn op zal antwoorden. Want weet je wat het is, wat het probleem is in dit land, en je ziet het ook in de landen om ons heen en eigenlijk in de hele westerse wereld, en dat mag je eigenlijk niet meer zeggen, maar het probleem is dat je dingen niet meer mag zeggen. En ja, dat doe ik dus wel, hè. Gewoon hardop de waarheid durven verkondigen, de waarheid die ze niet willen horen. Dat is nodig ja. Wie ‘ze’ zijn, vraag je? Nou, je weet wel, de linkse kliek. De media bijvoorbeeld. Wat? Ja, daar hoor ik ook bij, maar ik bedoel echt de media-media, hè. En neem van mij aan, als iemand die de media beter begrijpt dan de media zelf, dat ik weet hoe het spelletje gespeeld wordt. Hoe de knikkers rollen zeg maar, ja. En daar hoor je dan dus niet de zaken die echt spelen in het land hè, de zaken die de Nederlander echt belangrijk vindt. Trump, bijvoorbeeld, het is toch te gek voor woorden hoe de media met zo’n man omspringt? Een heksenjacht noem ik het altijd maar. Volstrekt onschuldig, een man die zegt waar het op staat, daar herken ik mezelf ook erg in, en eerlijk hè, goudeerlijk. Maar dat willen ze hier niet zien. Heeft ook een beetje met het onderwijs te maken he, enorm links is dat, dus ja, je moet wel heel stevig in je schoenen staan wil je die indoctrinatie, want dat is het, indoctrinatie, het hoofd kunnen bieden. Of je moet gewoon vroeg uitstappen, net als ik. En het klimaat, nog zoiets. Maar ik heb me erin verdiept hoor, het klimaat, en wist je dat er plekken zijn waar het ijs juist toeneemt? En deze jongen zat in december de houtkachel nog te stoken hoor, hadden we toen maar een opwarming haha ja, maar nee, even serieus, dat is gewoon iets wat ze je vertellen om je eronder te houden. Wie? Nou, de regering, links. Welke linkse regering vraag je? Dat vind ik flauw, dit is weer typisch de media. Oké, waar waren we. Of ik nog ergens spijt van heb? Even denken hoor, ja, ik denk toch wel die keer dat ik Peter van der Vorst een teringlijer noemde. Die werd kort daarop m’n baas, dus dat was met de kennis van nu niet zo handig nee. Dat heeft er natuurlijk ook voor gezorgd dat ik nu van de zender ben gehaald. En het was toch een belangrijk programma, hè. Hoeveel mensen er keken? Ik kan je slecht verstaan, ik rij net een tunnel in, hallo?

Geschreven voor www.shortreads.nl

De man zonder tanden

Striemende kou snijdt langs m’n gezicht. Pijn doet het niet, m’n wangen zijn inmiddels zo verdoofd dat het voelt of iemand een kunststof laag over m’n eigen huid heeft geplakt. In m’n hals, onder de opstaande kraag van m’n winterjas en de sjaal die ik daar nog eens omheen wikkelde, voel ik pareltjes zweet opwellen. Het fietsen in dit weer en met tegenwind, valt me zwaar. De fiets heeft net als mijn conditie zijn beste tijd gehad.
Het park is groen, abnormaal voor deze tijd van het jaar. Het laat zien dat ondanks de ijzige wind die vandaag waait het werkelijk winterse weer nog nauwelijks van zich heeft laten horen. Een tweetal fietst me tegemoet. Een vrouw met naast haar een jongen van een jaar of 7. Zij probeert puffend en steunend de lichte helling die ze op fietsen te bedwingen. Haar rechterarm uitgestrekt naast haar, de hand rustend op de rug van de jongen. Hij is nog steviger ingepakt dan ik en doet verwoede pogingen zijn moeder bij te houden. Het puntje van zijn tong steekt uit, zijn ogen wijd opengesperd. Hij lijkt zich niet bewust van de helpende hand die hem wordt geboden. Ik moet denken aan hoe ik zelf ooit mijn eigen zoon zo voortduwde, door de tegenwind, proberend zo zijn eigen kleine leed iets te verzachten. Lees “De man zonder tanden” verder

Schuld

Hij had er over nagedacht en het leek hem beter wanneer er geen God bestond. Op die manier hoefde hij Hem ook niet de schuld te geven van wat er gebeurde. Dat was zo bekeken toch een stuk makkelijker.

We waren 15 en 14 en grotendeels op onszelf aangewezen. Mama was er wel, maar kwam dezer dagen nauwelijks haar kamer nog uit. Ze lag in bed te slapen of te hoesten en soms allebei, wij zagen erop toe dat zij voldoende dronk, in elk geval probeerde te eten en vooral die veelkleurige pillen uit ontelbare potjes naast het bed en in de badkamer innam. Lees “Schuld” verder

Meneer Van Dale wacht op antwoord

Ja, goed, dus ik kachel met een slakkengangetje voort over die snelweg, je kent het, regen, bijna donker, al die gasten op hun rem trappen, hup, iedereen te laat omdat ergens vooraan in de stoet waarschijnlijk een of ander juffie niet durft door te rijden, zo’n balanstrutje, maar goed, iedereen dus tergend traag, voegt er opeens zo’n mafklapper vlak voor me in, ik er bijna bovenop, gelijk stil staan, toeteren natuurlijk, leek wel zo’n blokkeerfries. Maar goed, dat rijden in kutweer dus, is nog wel een dingetje hoor, beetje miezeren en je zou denken dat er een bomcycloon over het land raast. Als je niet kan rijden moet je gewoon effe lekker wat anders gaan doen, beetje op de hoek van de straat de creditboy uithangen voor mijn part, maar ga lekker ergens anders drankhangen dan op m’n voorbumper. Ja, zelf rij ik altijd stevig door hoor, weer of geen weer, maak mij de pis niet lauw. Heb er ook wel de bak voor hè, voorwieldraaif, 0 naar 100 in een knipoog en sterk jonge, dat wil jij niet weten. Kost een bom duiten, maar wie het breed heeft moet het breed laten hangen hè, vinden de vrouwtjes ook leuk, kweek je toch een zekere hempathie mee. Ja nee, op de zaak niet meer, was die ouwe bang dat we te veel praatjes hadden, dat die wijffies zich ongemakkelijk gingen voelen, metoo en zo, had-ie iemand ingehuurd om dat eens onder de loep te nemen, intimiteitscoördinator noemden ze ‘m voor de gein. Minkukel joh, zag je zo, echt zo’n kantlijnsporter, werd vroeger al overal als laatste gekozen. Zo eentje met hobby’s dat je denkt wat de fuk, ja, kwispellezen of zo. Maar enniehou, moet iedereen zelf weten, ik gun eenieder z’n mangomoment weet je, maar ga anders gewoon effe de wereld mooier maken met je plogging op het strand en niet bij ons rond de koffieautomaat, dat practivisme van je kan me gestolen worden. En personeelszaken heb ook wel wat beters te doen toch, zou je denken, die primarkpremie harkt zichzelf niet binnen, geintje hier en daar moet kunnen, laat die knakker gewoon lekker een of ander rooftijdschrift doorlichten. Maar goed, waar was ik. Dus ja, die knakker opeens invoegen, ik toeteren, zie ik ‘m in z’n spiegel glazig achteruitkijken, door z’n hippe brilletje, je kent ze wel, zo’n typische selfieshopper. Schiet me een geintje te binnen, dus ik pak m’n telefoon, effe delen toch, ja geen testosterontweet of zo, gewoon een gebbetje. Over dat pikkie voor me, in zo’n hybride jankbak, echt iets voor zo’n pannenkoek met vliegschaamte, maar dan ondertussen in het weekend wel de yogasnuiver uithangen, zo’n pipo. Maar goed, ik dus die telefoon pakken en toen knalde ik eraf, zo de berm in, kent u toch wel, meneer agent? Toch?

Geschreven voor www.shortreads.nl


Nóg meer lezen? In 2017 verscheen mijn verhalenbundel ‘De man die zichzelf in Auschwitz liet opsluiten’. Bestellen doe je bijvoorbeeld hier. Of hier.