Pesten, dat doet je kind toch niet

(Dit artikel verscheen op 6-10-2012 in Trouw)

Nu de Grote Vakantie ten einde is, is het Grote Loslaten weer begonnen. Ik reken mezelf niet tot het groepje zogenaamde hyperouders. Ouders in de veronderstelling invloed te kunnen uitoefenen op elk mogelijk aspect van het leven van hun kind. Dat neemt niet weg dat ik het liefst 24 uur per dag zou waken over zijn welzijn en hem te beschermen tegen elk mogelijk ongemak. Na ruim zes weken exact te hebben geweten waar mijn zoontje was en wat hij daar deed, heb ik hem nu weer voor een groot deel van de dag uit handen moeten geven aan de school. Natuurlijk weet ik daarmee wel precies wáár hij is, maar wat er binnen die muren gebeurt hoor ik hooguit achteraf.

Een van de meest ingrijpende gebeurtenissen in het leven van een kind, is wanneer hij of zij wordt gepest op school. Het zijn niet alleen de schooldagen zelf die een regelrechte hel zijn. Gepest worden op jonge leeftijd draagt vaak op negatieve wijze bij aan de vorming van het karakter en zelfbeeld. Veelal is dit dan ook direct van invloed op het verdere leven van het gepeste kind. Het tegengaan van pesten is geen gemakkelijke klus. Het slachtoffer zelf spreekt zich zelden uit. Soms uit angst voor represailles die onvermijdelijk zullen volgen. Soms, en dat is misschien nog erger, omdat het kind er inmiddels zelf van overtuigd is dat het inderdaad ‘minder’ is dan de rest en het pesten dus logisch is. Veel ouders zijn blind voor de signalen die er vrijwel altijd zijn, dit geldt zowel voor de daders als slachtoffers. Docenten zien het vaak gebeuren, maar zitten geregeld met de handen in het haar wat betreft de oplossing.

Vorig schooljaar stond ik zelf elke week als stagiair voor de klas. Ik heb in verschillende groepen mee mogen draaien en zag het in elke groep gebeuren. Soms was de aanleiding duidelijk. Het maakt het pesten niet minder erg, maar het helpt in het vinden van een oplossing. Zo was er een meisje in groep acht dat nieuw op school was. Op haar vorige school werd zij dusdanig getreiterd dat haar ouders hadden besloten een andere school te zoeken, aan de andere kant van de stad waar niemand haar kende. Maar ook hier was het vanaf de eerste week raak. Ze schiep er genoegen in grote verhalen te vertellen. Verzinsels die gemakkelijk werden doorgeprikt. Door hier steeds bijzonder heftig op te reageren joeg ze de rest van de klas in het harnas. Ondanks dat de groep zich massaal tegen haar keerde, bleef ze ermee doorgaan. Met zowel het meisje, als haar ouders en de rest van de klas zijn veel gesprekken gevoerd. Aan het eind van het schooljaar nam het uiteindelijk af. Het is te hopen dat het nu op de middelbare school, in een nieuwe groep, niet weer opnieuw begint.

Moeilijker was het met een jongen uit een andere groep acht. Een aardige, welbespraakte jongen die op elk vlak goed presteerde. Helaas werd hij door een andere jongen, die zich graag liet gelden als het alfamannetje van de school, als een bedreiging gezien. Omdat de rest van de groep er alles voor over had niet in ongenade te vallen bij deze jongen, lieten zij zich makkelijk overhalen zijn kant te kiezen. Het slachtoffer werd dagelijks uitgescholden en zijn spullen werden kapotgemaakt. De docent had er een dagtaak aan de daders te bestraffen, maar elke dag begon het opnieuw. Ook hier zijn veel gesprekken gevoerd. Met de hele groep, met de pesters en hun ouders. Veel ouders waren er echter van overtuigd dat hun kind niet tot zoiets in staat was en dat het jongetje het er vast zelf naar had gemaakt. Het was aan de school om het op te lossen. De grootste bullebak van de groep werd uiteindelijk een schorsing in het vooruitzicht gesteld. Het resultaat hiervan was dat het arme slachtoffer voortaan buiten schooltijd in elkaar geslagen werd. Uit onmacht hebben zijn ouders besloten te verhuizen.

Nog minder grijpbaar is tenslotte het geval van een meisje uit groep zeven. Een rustig meisje dat geen vlieg kwaad deed. Ze was attent, zag er leuk uit, haalde bovengemiddelde resultaten en was goed in sport. Maar om onverklaarbare redenen had werkelijk niemand uit haar klas, of de rest van de school, interesse in haar. Ze werd niet uitgescholden, ze was nooit het mikpunt van pesterijen. Tijdens de lessen kon ze met iedereen goed samenwerken, daarbuiten werd ze simpelweg genegeerd. Niemand vroeg haar om te komen spelen, niemand nodigde haar uit voor verjaardagsfeestjes. Andersom ging nooit iemand op haar uitnodigingen in. Ze deed wel pogingen om aansluiting te vinden, maar wanneer ze bij een groepje ging staan was het alsof ze onzichtbaar was. De lerares heeft de groep hier enkele malen mee geconfronteerd en is met enkele klasgenoten het gesprek aangegaan. De kinderen haalden hun schouders op, ze wisten het ook niet. Nee, er was niets mis met het meisje. Ze vonden haar niet stom, ze was zelfs best aardig. Maar ze hadden simpelweg andere vriendjes. Na zo’n gesprek volgde altijd een periode waarin ze wel aandacht kreeg, maar het lukte nooit dit lang vast te houden. Uiteindelijk stond ze toch altijd weer alleen. Dit tot groot verdriet van haarzelf, maar ook van haar ouders die zich totaal machteloos voelden.

Vlak voor de zomervakantie stond ik aan het eind van de schooldag op het plein te wachten op mijn zoontje. De moeder van een van zijn klasgenootjes stapte op me af. Ze vertelde dat haar zoontje had verteld dat hij soms gepest werd door die van mij. Geschrokken hoorde ik haar aan, want ook ik was van mening dat mijn kind zoiets niet doet. Haar zoon bleek niet zo vaardig te zijn in het leggen van contact en drukte zich soms onbedoeld wat ongelukkig uit. De andere kinderen uit de klas reageerden hier vaak venijnig op, tot verdriet van het jongetje. Ik heb hier lang over gesproken met mijn zoontje. Hij gaf direct toe dat hij wel eens gemene dingen zegt. ‘Maar hij doet het ook’, voegde hij eraan toe. Ik legde hem uit hoe woorden soms verkeerd over kunnen komen, dat het niet altijd zo bedoeld is. Dat je nooit met opzet iemand dient te kwetsen. Ik sprak met hem over pesten, wat het is, wat het met iemand kan doen. Hij begreep het en beloofde plechtig het niet meer te doen. Voor aanvang van dit schooljaar heb ik er nog eens met hem over gesproken en ongetwijfeld zal het onderwerp vaker ter sprake komen. Pestgedrag is niet altijd aangeleerd, maar dient altijd te worden afgeleerd. De school speelt hierin een belangrijke rol, maar de basis is de opvoeding en die begint thuis.

15 gedachten over “Pesten, dat doet je kind toch niet

  1. Pestgedrag kan niet en mag niet… en toch is het er. Nu wordt er veel aandacht aan geschonken. Toen ik in lagere klassen zat bestond dit nog niet. ADHD bestond ook niet. Laat ik daar nu toch wel wat last van hebben… ik ben dus mijn hele schoolcarriere aan de kant gezet door de leerkrrachten omdat ik te druk was en ik werd gepest door mijn klasgenootjes omdat ik anders was. Ik ben uit een diep dal gekropen… De mooiste dag was toen ik met mijn vier kinderen op onderzoek moest omdat er vermoeden was van ADHD (zwak uitgedrukt dan wel) Toen de psychiater mij een paar vragen had gesteld, vertelde hij me dat dit erfelijk kon zijn. En dat ik alle symptomen had van een echte ADHD-er… Ik was dus niet zo abnormaal, ik was geen vervelend kind, ik kon gewoon niet stilzitten. En mijn kinderen hadden het zomaar kado gekregen van mij… nice! Maar er was een label opgeplakt en je kon er medicatie voor krijgen… Hamdullillah. Ik ben opnieuw begonnen met studeren. En waar het me vroeger niet lukt, kon ik met de medicatie wel mijn bachelor aan… Ik was niet dom! Wat een heerlijke kick was dat. En ik ben blij dat ik mijn kinderen heb kunnen “redden” door mijn eigen ervaringen…
    Jammer dat niet iedereen het geluk heeft gehad om op tijd een label te krijgen… en nu nog als kneus of excentriek door het leven gaan, al dan niet gelukkig met hun situatie.
    Ja pesten is echt niet tolereerbaar… en de leerkrachten weten nu veel meer. Maar blijkbaar nog altijd niet voldoende om het pesten uit te sluiten. Ik vrees dat het altijd zo zal blijven. Een alfamannetje (vrouwtje) omringd door volgelingen, een middengroep die probeert te overleven en een sukkel die wordt gepest… Wanneer die niet meer mag worden gepest, komt er een ander slachtoffer in de plaats… Harde realiteit.

    Mag ik je trouwens nogmaals complimenteren met je schrijven. Ik lees je teksten graag. Ze zijn geschreven vanuit je plexus, zijn onderbouwd en ze lezen als een sneltrein.

    Bedankt hiervoor :D

  2. Een mooi en leerzaam stuk.
    Ik ben al 65, maar mijn geheugen doet het nog. Toen ik op de lagere school zat ben ik niet gepest, hoewel ik in allerlei opzichten nogal afweek van het gemiddelde. Zelf heb ik ook niet gepest, en sterker nog, ik herinner mij ook niet dat andere kinderen gepest werden. Heb ik geluk gehad met deze paradijselijke schoolomgeving, of bestond dat pesten vroeger gewoon nog niet? Wat ik mij wel herinner is dat de leerkrachten zich verregaand met je bemoeiden; daardoor zullen eventuele pestneigingen ook voorkomen zijn.

  3. Eindelijk een eerlijk stuk over pesten. Dank hiervoor.
    Het is ongelooflijk dat pesten nog steeds zo’n groot probleem is. Uit onderzoek is gebleken dat er niet eens één methode is die doet wat er wordt beloofd, namelijk het stoppen van pesterijen. Bijna de helft van de bezoekers op mijn website weet niet welke methode de school gebruikt. Wat hierboven is geschreven, is heel herkenbaar. Er wordt geschopt, geslagen, uitgescholden en buitengesloten en omdat het om kinderen gaat wordt het meestal niet serieus genomen. Pas wanneer er iets op Youtube komt is Leiden in last.
    Dit jaar zijn een aantal scholen voor basis- en voortgezet onderwijs met het Pestbriefje begonnen. Laten we hopen dat dit wel werkt.
    Ik maak op mijn website een link naar deze pagina.

  4. Zelf ben ik nooit gepest. Op de lagere school ben ik wel eens uit de groep gezet, maar dat was het volgende speelkwartier weer over. Ik heb op de middelbare school wel een jongen uit mijn klas gepest. Pesten is niet goed te praten, maar er is misschien een klein beetje hoop in bange dagen van slachtoffer(tje)s van pesterijen. Die jongen, die ik vroeger pestte, is nu één van mijn beste vrienden. Heb ik er spijt van? Nee. Toen dacht ik: “Hij vraagt er zelf om.” En ik wist niet beter. En zonder het op te nemen voor pestkoppen en andere bullebakken, zij weten vaak ook niet beter. Het is, waar je zelf ook naar verwijst Sa’id, het alfamannetje (of vrouwtje) uithangen. Volgens mij is dat puur instinctief.

    Die vriend en ik hebben het er vaak over gehad en ik weet hoe hij zich voelde destijds. Het was zeker geen pretje voor hem. Spijt heb ik nog steeds niet, maar ik heb er wel van geleerd. Niet voor niets heb ik laatst 4 jongens aangesproken die bij ons voor de deur een jongetje aan het treiteren waren.

  5. Hallo,
    Ik herken je signalen in je verhaal. Goed stuk! Ik ben zelf gepest op de basisschool, tevergeefs zijn mijn ouders met school en ouders gaan praten. Dit loste niks op. Pas in groep 8, toen ik het zelf zo zat was en actie ondernam, reageerde school op mijn probleem. Ja, en dan ben je inmiddels 8 jaar verder en denk je ‘wat doet het er nog toe?’. Nu ben ik 21, maar geloof het of niet, het heeft me gevormd. Ik kan me nog steeds angstig voelen om langs pubers van 14,16 jaar te fietsen, me niet onzeker te voelen of bang. Ik moet mezelf daarin helaas nog te teleurstellen. Ik ben nog steeds bang voor die afwijzing, de scheldwoorden.

  6. Ik ben docente op een middelbare school èn ben vroeger jarenlang gepest. Bij mij bestond het uit op de basisschool uit uitschelden en in elkaar slaan; op de middelbare genegeerd worden. In de vijfde klas heb ik uiteindelijk een weerbaarheidscursus gehad, om me weerbaar te maken voor de universiteit. Dat heeft voor die periode goed uitgepakt (voor het eerst vrienden), maar het verleden heeft nog altijd invloed op mijn leven. Ik ben ontzettend gefocust op mijn vriendschappen, en als daarin iets misgaat, klinkt steevast het stemmetje in mijn hoofd: ‘zie je wel, ze moeten je niet, ze doen maar alsof’. Anderhalf jaar geleden liep het gigantisch mis en kwam ik uiteindelijk bij een psycholoog terecht. We zijn nu samen bezig om het een plek te geven en er kracht uit te halen. Ik leer veel, met name grenzen stellen en mezelf rust geven: ik hoef niet perfect te zijn om aangenaam gezelschap te zijn.
    Dit jaar ben ik mentor van een eerste klas. Op facebook circuleerde een oefening voor het bewust worden over pesten voor leerlingen in het basisonderwijs, die ook geschikt is voor de brugklas. De oefening die toevallig werd gegeven bij een les zelfverdediging op ons brugklaskamp bestond eruit dat iedereen een vel papier kreeg en het mocht verfrommelen, erop stampen, verkreukelen, maar niet doorscheuren. Daarna moesten ze proberen het papier weer te ontkreuken, op welke manier ze dan ook wilden. Dat gaat natuurlijk niet: de kruekels blijven. Zo gaat het ook met pesten: elke opmerking, elke sneer, elk scheldwoord is een kreukel, een litteken en hoe je ook je best doet om het weer goed te maken, dat gaat niet. Het litteken blijft.
    Tijdens deze oefning kwam voor mij ‘vroeger’ weer even heel dichtbij, en ik liep even van de groep weg om mezelf te herpakken. Ook de leerlingen waren ervan onder de indruk.
    De eerst volgende les kwamen we nog even op het kamp terug en bespraken we ook de zelfverdediging. Een leerling vroeg waarom ik toen opeens even wegliep. ‘Ik vond het een indrukwekkende oefening, volgens mij jullie ook. Ik had het er even moeilijk mee. En dan mag denk ik ook wel, dat je dan even een time-out neemt. Want weet je, ik ben ook zo’n blad. Ik ben vroeger ook gepest, misschien wel net als andere kinderen in deze klas. Herkende iemand van jullie zich misschien ook in dat verfrommelde papier?’ En ja, na enig aarzelen waren er maar liefst 6 leerlingen die hun vinger op durfden te steken. Sommigen kwamen er ronduit voor uit, anderen hielden hun vinger voor hun buik, zodat het niet opviel. Heel bijzonder was dat. Ik weet dat er meer zijn in de klas. En wat voelde ik me sterk op dat moment. Voor het eerst in 8 jaar voor de klas, heb ik in een klas verteld dat ook ik een pestverleden heb, en misschien draagt het bij tot iets positiefs. Het was een heel bijzondere les, ook voor de rest van de klas.
    We zijn nu druk bezig met het maken van een klassencontract. De leerlingen mogen zelf regels aandragen die ze belangrijk vinden en ze werken er enthousiast aan. De meest genoemde regel: respecteer elkaars anders zijn. Nu maar hopen dat we het volhouden om ons eraan te houden, en dat we elkaar op een respectvolle manier erop aan kunnen spreken als het toch mis is gegaan. Want pesten is niet alleen een probleem van de gepeste en de pester, maar van de hele klas.

  7. Erg goed stuk Sa’id. Met mijn dochter heb ik ook lang moeten strijden om haar pestloos school te kunnen laten volgen. En ik heb geluk, ze heeft een superjuf, die ervoor gezorgt heeft dat ze getoleerd wordt door haar groep en nog beter, haar klas zich om haar bekommert.
    Toch wil ik je in 1 ding tegenspreken, pesten kan je leven negatieff beinvloeden, maar het hoeft niet. Ik zelf ben door en door gepest, maar het heeft me gemaakt tot wat ik ben, en over het resultaat ben ik zeer tevreden. Het heeft me juist sterker gemaakt en ik ben dan op mijn beurt alle pesters enorm dankbaar. Ik heb ervan geleerd, dat wat een ander vind, iets zegt over de ander en het aan mij is, of het mij zal beinvloeden. Het heeft me strijdkracht te geven, maar bovenal heeft het mij geleerd om anderen in hun waarden te laten. Pesters: Bedankt.

  8. *slik*

    Ten eerste: wat goed dat je ook de rol van je eigen zoon meeneemt in het verhaal. Dat zouden meer mensen moeten doen. En verder is het al heel wat (nog lang niet genoeg) dat erover wordt gepraat, in de klas, en met alle betrokkenen. Dat was ‘in mijn tijd’ niet zo. Inderdaad, ik hield mijn mond. En als het maar lang genoeg doorgaat wordt de manier waarop je met het gepest omgaat een tweede natuur, een automatisme. Ik deed net of het niet gebeurde. Ik voelde de ganse dag spanning en dreiging maar legde het naast me neer. Wat heeft geresulteerd in een ‘paniekstoornis’ (whatever that may be) op latere leeftijd. Ik kan niet met spanningen omgaan. Ik negeer ze. Gelukkig gaat het nu steeds beter. Maar mijn ‘donkere’ kant is absoluut gevormd in dié jaren.

  9. Goed stuk. Wat me verbaast is dat de pesters vaak niet worden aangepakt, maar dat de gepeste dan een weerbaarheidscursus moet volgens of iets dergelijks. Extra straf voor de gepeste vind ik dat. En verder zijn we net dieren, het recht van de sterkste/coolste is onder kinderen erg aanwezig en een pikorde ook. Doe je heel weinig aan en blijft ook onder volwassenen zo.

    1. Dank je wel Esther. En inderdaad… in het geval van het tweede meisje dat ik beschrijf, hebben haar ouders een psycholoog ingeschakeld om te proberen de oorzaak te achterhalen. Ik vind dat pijnlijk, want daarmee wordt impliciet beweerd dat het haar eigen schuld is. Ik kan me niet voorstellen dat zoiets bevorderlijk is voor haar gevoel van eigenwaarde.

      1. Maar het valt me op dat ook jij het stuk over het eerste meisje begint met “soms is de aanleiding duidelijk”. En “nog minder grijpbaar” is het verhaal over dat leuke meisje die er goed uitziet, en goed is in sport etc. etc..
        Ik vind het wel goed hoe je het aan je zoon probeert uit te leggen. Misschien is dat nog wel de beste remedie, erkennen dat sommige kinderen enigszins “raar” zijn, en sociaal niet sterk, maar dat dat nooit een reden kan zijn om zélf als “normaal” kind te gaan pesten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *