Over warmte en Jezus in blackface

Het was donker en koud en in huis was een tekort aan warmte en licht en dus trokken we onze warmste jassen aan en reden onder vallende sneeuwvlokken naar het tuincentrum waar we lampjes uitzochten en nieuwe slingers en ballen voor in de kunststof boom die al drie jaar onaangeraakt in een doos in de schuur stond omdat we die altijd alleen neerzetten wanneer hij daarom vroeg maar de laatste jaren had hij er geen zin in en voor mij hoefde het ook niet zo. We kochten ook kaarsen. Thuis haalden we de boom uit de doos en legden de takken op de juiste volgorde en daarna gingen we tegenover elkaar zitten en staken de haakjes aan de uiteinden van de takken in de stam tussen ons in net zo lang tot we iets hadden dat op een boom leek waarna we de kleinere takjes alle kanten opduwden om vervolgens op een afstandje te kijken of er nog ergens open plekken zaten die we moesten vullen. De lampjes zaten aan een handig snoer in de vorm van een slinger zodat we gewoon bovenaan konden beginnen en om de boom konden draaien net zolang tot we onderaan waren aanbeland en alle lichtjes evenredig over de takken waren verdeeld en we aan de voet van de boom alleen nog maar de stekker in het stopcontact hoefden te steken. Vroeger hadden we lampjes waarbij het snoer een gigantische cirkel was en dan wist ik nooit waar ik moest beginnen en op welke manier ik het best de boom kon rondgaan om niet een een deel van de takken onbelicht te laten en dat lukte nooit helemaal lekker. We pakten de nieuwe versieringen en ook nog wat oude en graaiden in de grote kerstdoos uit de schuur naar haakjes om de ballen aan op te hangen en ik vroeg of ik kerstliedjes moest opzetten en hij keek me aan alsof ik iets heel raars had gezegd. Alle haakjes lagen op de bodem van de doos omdat we de laatste keer bij het aftuigen geen moeite hadden gedaan om die allemaal weer netjes terug in het pakje te stoppen en in de grote doos zat ook nog een wit kleedje dat om de voet van de boom gaat en sneeuw moet voorstellen maar de laatste keer was de kat ermee aan de haal gegaan en er was niet veel meer van over. We gooiden het weg. Hij vroeg wat we met de huisjes moesten doen die samen een winters dorpje vormen met ook nog wat losse lantaarnpalen en dennenbomen en een kerstman en of het wel mooi stond als we die gewoon op de vloer zetten in plaats van op het vilten sneeuwdek. Ik moest denken aan vroeger toen ik zelf nog een kind was en we elk jaar onder de boom een kerststalletje neerzetten met daarin een Jozef en een Maria en een wiegje met baby Jezus en volgens mij ook nog een os en een ezel maar dat weet ik niet zeker. Op een dag verscheen er een bericht in de krant over een levende kerststal ergens in Amerika waar de bezoekers boos waren geworden omdat het kindje in de kerststal een zwart kindje was in plaats van wit en daar was mijn moeder weer zo boos om geworden dat ze een zwarte stift pakte en vanaf dat moment hadden we een witte Jozef met een witte Maria en in de kribbe het kindeke Jezus in blackface. We lieten de huisjes met hun lantaarnpalen en dennenbomen en kerstman in de doos en ik zei dat ik eerst een nieuw sneeuwdek zou gaan halen wat ik waarschijnlijk niet ga doen. We hingen misschien net iets te veel versieringen in de boom en knipten de lichtjes aan en zetten ook de kaarsen op een speciaal blad op tafel en staken die aan waardoor de woonkamer direct minder kil aanvoelde en we zeiden tegen elkaar dat het zo wel gezellig in huis was en hij vroeg of hij naar buiten mocht.


Dit jaar verscheen mijn bundel ‘De man die zichzelf in Auschwitz liet opsluiten’. Die is onder andere hier te koop. Leuk voor onder kerstboom.