Niet meer loslaten

(Dit artikel verscheen eerder op Frontaal Naakt)

Hij wordt stil als ik hem vraag of hij kinderen heeft. Even zie ik hem in gedachten wegzinken, hij speelt wat met zijn vingertoppen. Eentje, zegt hij vervolgens. Een zoontje, net zes jaar oud geworden. Zijn ogen gaan glimmen en voor het eerst sinds we dit gesprek begonnen zie ik een glimlach op zijn gezicht. Heel even, dan gaan zijn mondhoeken weer naar beneden. Hij ligt in een scheiding, vertelt hij. Nadat hij werkloos was geraakt en de hele dag thuis was, waren de spanningen hoog opgelopen. Ze hadden besloten dat hij zou vertrekken, een dag later stond hij in de slaapkamer zijn koffer in te pakken zonder een idee te hebben waar zijn volgende slaapplaats zou zijn. Ik hoor hem zwijgend aan. Hij geeft me meer informatie dan waar ik om heb gevraagd, maar ik zie dat hij wil vertellen. Ik leg m’n pen neer, aantekeningen maken is even niet noodzakelijk.

Het was al donker toen hij vertrok. Hij had de hele dag lopen piekeren. Niet over een slaapplaats, hij zou zich wel redden, maar hij wist niet hoe hij het zijn zoontje moest vertellen. Hij had hem ’s middags opgehaald uit school en was met hem gaan wandelen, in het park. Tijdens de wandeling was hij er voorzichtig over begonnen, dat er soms iets kan gebeuren waardoor papa en mama liever niet meer samen in een huis wilden wonen. Waarom dan niet, had het jongetje gevraagd. Hij had er geen antwoord op geweten. Hij wist niet hoe hij zijn zoontje moest vertellen dat hij niet meer van diens moeder hield. En andersom. In de stilte die volgde ging het knulletje al snel over op een ander onderwerp. Hij kon zich er niet toe zetten om er opnieuw over te beginnen.

Die avond, tijdens het toetje, waagde hij een nieuwe poging. Zijn aanstaande ex-vrouw was bij een vriendin en zou pas later thuiskomen. Op steun van haar hoefde hij tijdens dit gesprek niet te rekenen. Het jochie had hem met grote ogen aangekeken toen hij vertelde dat hij voor langere tijd weg zou gaan. Hoe lang dan, had het zoontje willen weten. Misschien wel voor altijd, had hij geantwoord. Het jongetje dacht even na en zei toen resoluut, dat wil ik niet, en ging verder met z’n bakje ijs. Hij wilde uitleggen dat het echt niet anders kon. Dat hij er altijd voor hem zou zijn, ook als hij niet meer onder hetzelfde dak woonde, maar hij kon het niet. Hij voelde tranen opkomen en durfde niet verder te spreken.

Hij had het kind in bed gelegd, hem een verhaaltje voorgelezen en was nog even bij hem blijven liggen. Nadat zijn zoontje in slaap was gevallen, was hij naar de kamer ernaast gelopen. De koffer stond al klaar. In tranen had hij de koffer gevuld met kleding, hij had niet eens opgelet wat hij allemaal meenam. Met de volle koffer was hij in de woonkamer gaan wachten tot zijn vrouw thuis was. Zij hart ging tekeer toen hij de voordeur open hoorde gaan. Dit was het dan, wist hij. Vanaf nu was dit niet meer zijn huis. Ze hadden elkaar zwijgend aangekeken. Alles was al gezegd, er waren geen woorden meer over. Met zijn jas al aan was hij nog een laatste keer de trap op gegaan, de slaapkamer van zijn zoontje in. Hij had een paar minuten in de deuropening gestaan, kijkend naar zijn kleine ventje. Het mannetje was zich van geen kwaad bewust. Hij trok de deur zachtjes dicht, pakte zijn koffer beet en stapte de voordeur uit. Het donker in.

Nu stond hij op straat, letterlijk. Hij had niemand verteld dat hij vandaag zou vertrekken en hij wist niet waar hij heen moest. Hij overwoog even een vriend te bellen, maar deed het niet. Een overweldigend gevoel van schaamte overviel hem. Hij had zijn zoon in de steek gelaten, hij was er zonder afscheid te nemen vandoor gegaan. Precies zoals zijn vader ooit bij hem had gedaan, terwijl hij zichzelf had beloofd nooit diezelfde fout te maken. De schaamte maakte plaats voor woede, gericht op zichzelf. Hij verdiende geen dak boven zijn hoofd, hij was niets waard. De koffer achter zich aan slepend liep hij de nacht in, doelloos. Hij liep tot hij niet meer verder kon en hij wel moest stoppen. Hij had geen idee waar hij was. Hij was de donkere polder in gelopen zonder op de omgeving te letten. Even verderop had hij een bushokje gezien, dit zou zijn slaapplek voor de nacht worden. Ondanks de extra truien die hij uit de koffer had gehaald, had hij het stervenskoud gehad. Hij had gedacht die nacht dood te vriezen en had besloten dat het een gepaste straf zou zijn.

De volgende ochtend was hij wakker geworden door een flinke por tussen z’n ribben. Er stonden twee agenten over hem heen geleund, of hij wel wist dat dit geen slaapplek was. Ze hadden hem meegenomen naar het bureau, waar hij zijn verhaal had gedaan. Nadat was vastgesteld dat hij geen crimineel was, hadden ze hem weer buiten de deur gezet, maar niet voor ze hem hadden overgehaald iemand te bellen en een slaapplek te regelen. Dat was gelukt, die avond sliep hij bij een vriend. In de maanden die volgden sliep hij afwisselend bij vrienden, vage kennissen en een enkele keer op straat. Familie had hij hier niet.

Uiteindelijk was hij via diverse instanties in de nachtopvang van het Leger Des Heils beland. Om de zoveel tijd probeerde hij zijn zoontje te bellen, maar diens moeder wilde hem niet aan de telefoon geven. Gezien zijn huidige situatie leek het haar beter dat ze even geen contact hadden. Na verloop van tijd nam ze zelfs de  telefoon niet eens meer op en op een dag hoorde hij alleen nog maar een stem die vertelde dat het nummer niet meer bestond. Eenmaal was hij langs zijn oude huis gegaan, maar dit stond leeg. Officieel was hij nog steeds getrouwd, maar hij wist niet waar zijn vrouw en kind waren en niemand die het hem kon of wilde vertellen.

Zwijgend zitten we tegenover elkaar, ik weet niet wat ik moet zeggen. Ik wil professioneel zijn, m’n werk doen en verder gaan waar ik was gebleven. Ik krijg het niet over m’n lippen. Ik zie mijn eigen zoontje voor me, net een jaar ouder dan het jongetje wiens vader nu gebroken tegenover mij zit. Ik zie hem voor me, slapend in zijn bedje. Ik probeer me voor te stellen hoe het moet zijn om hem achter te laten, ik kan het niet. Ik voel nog steeds de pijn die ik ervoer wanneer ik hem in het verleden, na een weekend samen te zijn geweest, weer terug moest brengen naar zijn moeder. Ik kijk naar de man tegenover me en ik wil naar huis. Ik wil naar huis, m’n zoon optillen en hem stevig vasthouden. Ik wil hem vertellen dat ik er altijd voor hem zal zijn, dat ik hem nooit in de steek zal laten, wat er ook gebeurt. Ik wil dat hij weet dat hij altijd op mij zal kunnen rekenen.

Dan verbreekt de man de stilte, waarvan ik niet precies weet hoe lang die nu al duurt. Hij heeft nu een huisje gekregen, vertelt hij, of eigenlijk een kamer. Hij heeft nog geen meubels, maar wel elke dag een dak boven zijn hoofd en hij kan weer warme douches nemen wanneer hij maar wil. Hij is druk op zoek naar werk, zodat hij weer fatsoenlijk voor zichzelf kan zorgen. En voor zijn zoontje, want hij is vastbesloten om het goed te maken. Hij heeft een verbeten blik in zijn ogen, de gebroken man van zoëven is verdwenen. Zodra hij alles weer op de rit heeft gaat hij op zoek naar zijn kind, zegt hij. Hij weet nog niet waar hij moet zoeken, maar hij heeft een idee waar hij moet beginnen en hij zal niet opgeven.

Aan het eind van het gesprek bedankt hij me. Dat ik naar hem heb willen luisteren. Dit was de eerste keer dat hij zo uitvoerig vertelde wat hem al zo lang dwars zit. Hij is boos op zichzelf, maar beseft dat deze boosheid hetgeen is waardoor hij in deze situatie terecht is gekomen. Hij heeft fouten gemaakt, weet hij, en hij zal er nog even voor moeten boeten. Hulp zoeken was de eerste stap geweest, zijn inner demons erkennen de tweede. Dat hij er over heeft kunnen praten is voor hem bewijs dat hij op de goede weg is. Hij geeft me een ferme handdruk en voor de tweede keer zie ik een glimlach.
Wanneer hij weg is vraag ik een collega om de rest van de middag voor me in te vallen. Ik wil naar huis, ik wil mijn zoon vasthouden en hem niet meer loslaten.

 

3 gedachten over “Niet meer loslaten

  1. Tjonge, ik moet echt die kikker ff doorslikken. Mooi stukje. Uit het leven gegrepen? Hoe is het nu met vader en zoon. Vreselijk idee…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.