Bijna had ik medelijden met Geert Wilders

Ik had bijna een beetje medelijden met hem, Geert Wilders, daar tijdens zijn spreektermijn bij het debat over de regeringsverklaring. Wilders oogde vermoeid, uitgeblust. Slechts een stemverheffing hier en daar herinnerde aan de PVV-leider van weleer. Een echo van zijn eigen holle retoriek, een populist die zelf ook nauwelijks nog gelooft wat er uit zijn keel komt.

Geert Wilders
Geert Wilders krijgt geschiedenisles van Alexander Pechtold

Hoe anders was dat in het verleden. Vol vuur stond hij achter het spreekgestoelte. Xenofobische, haatzaaiende drek spuwend, maar knappe jongen (m/v) die hem daarvan weerhield. Velen probeerden het, allen werden afgeserveerd. Maar weinigen bezaten de kunst Wilders verbaal van repliek te dienen. Met snedige oneliners wist hij raad met de ene na de andere interruptie. Kreeg de lachers op zijn hand, zijn achterban smulde ervan. Daar zette hij ze toch maar mooi allemaal in de hoek. De zorgvuldig bedachte kretologie – gedoogpoedel, kopvoddentaks, de linkse kerk van de multicul – behoorde binnen enkele minuten tot het vaste vocabulaire van zijn vele volgers.

Er is niets meer van over. De leider van de grootste oppositiepartij, die op voorhand iedereen uitsloot en vervolgens jammerde dat hij niet mocht meeregeren, las verloren voor van zijn papiertjes. Hij stak weer hetzelfde riedeltje af, dezelfde woorden die hij al ruim een decennium roept. De islam, de islam en nog eens de islam. Als er al ergens sprake is van islamisering, dan is het bij Wilders zelf. Er is in het hele land geen imam te vinden die het vaker over de Koran heeft dan Geert. Dubbele nationaliteiten, daar vond Wilders ook nog steeds iets van. En minder Marokkanen, brieste hij, dat wilde toch iedereen? Waarom snapte nou niemand dat, vroeg hij haast smekend. Minder Marokkanen, hij herhaalde het nog een paar keer, alsof hij niet momenteel opnieuw voor de rechter staat wegens juist die uitspraak.

Ik had bijna een beetje medelijden met hem, Geert Wilders, toen Alexander Pechtold plaatsnam achter de interruptiemicrofoon. Kalm. Na jaren van debatteren met Wilders zat er ook voor hem geen enkele verrassing meer in. Pechtold leidde de PVV-voorman naar waar hij hem hebben wilde. Wilders tierde dat hij zijn Nederland terug wilde, het Nederland van vroeger. Pechtold zette de val, een val waar Wilders eerder nooit zou zijn ingelopen. Wanneer was dat Nederland precies, wilde Pechtold weten. Het improvisatievermogen van Wilders haperde. Hij sputterde, hij stamelde, hij noemde een jaartal. 1850. De val klapte dicht. Wilders werd overladen met feiten uit de geschiedenis over de periode die zogenaamd zo mooi was. Wilders zelf keek erbij alsof hij wilde verdwijnen, weg van daar, liefst naar 1850, een tijd zonder Alexander Pechtold.

De rest van de spreektijd werd het er niet beter op. Tot overmaat van ramp begon Jesse Klaver, die linkse snotneus, Wilders alvast te voorspellen wat er nog meer op de velletjes papier stond. Nog meer islam, nog meer over de dubbele nationaliteit, enzovoorts, en als uitsmijter een motie van wantrouwen. Heus niet, sputterde Wilders. Of nou ja, ok, toch wel, zei hij er gelijk achteraan. Hij keek er beteuterd bij. Het zit hem al tijden niet mee. Het vervolg op Fitna kwam nooit, zijn boek werd niet uitgegeven in Nederland, naar zijn documentaire keek slechts een handjevol mensen. Stemmers, ja, die heeft hij nog, maar die bereikt hij al lang niet meer. Die zijn niet geïnteresseerd in hem, die hebben hem niet meer nodig. Zij voeden elkaars haat in besloten Facebookgroepen met namen als PVV Forever.

Het was zijn zwanenzang, daar achter het spreekgestoelte in de Kamer. Zijn laatste politieke adem. Nu hebben we het nog over hem, nu nog wel. Wilders zal deze kabinetsrit nog uitzitten, al is het op z’n tandvlees. Daarna verdwijnt hij, misschien naar een denktank in de Verenigde Staten, waar ze hem in bepaalde kringen nog altijd op handen dragen. Over zijn invloed in eigen land hoeft Wilders echter niet te treuren. Zijn gedachtegoed is lang en breed geworteld en politici als Zijlstra en Buma verkondigen een boodschap die Wilders in zijn begindagen niet had aangedurfd.

Bijna had ik medelijden met hem, Geert Wilders. Bijna, maar niet helemaal. Zijn opvolger in de Kamer staat al klaar, zij het binnen een andere partij. Zoals Wilders het stokje overnam van Rita Verdonk, die in het gat was gesprongen dat Fortuyn achterliet. Wilders is dan uitgespeeld, hij maakt geen indruk meer. Bijna had ik medelijden met hem, maar de immense schade die hij aanrichtte ettert voort, ook als Wilders zelf allang van het toneel verdwenen is.

Dit artikel verscheen op Joop.nl